Sûta
zei: "De Godheid die met bovenzinnelijke gebeden wordt geprezen
door Brahmâ, Indra, Rudra en de kinderen van de hemel
[Maruts];
de Godheid waar de sâma-veda zangers met
arrangementen van mantra's uit de Veda's, hun leden [de
anga's],
en de Upanishads
over zingen; de Godheid waar de yogi's, Hem in hun geest ziend,
zich in de meditatieve positie op concentreren; Hij wiens einde
niet bekend is aan welke verlichte of onverlichte ziel ook -
Hem biedt ik mijn eerbetuigingen.
Sûta
zei: "De Godheid met bovenzinnelijke gebeden geprezen door
Brahmâ, Indra, Rudra en de kinderen van de hemel
[Maruts]; de Godheid waar de Sâma-veda zangers
met arrangementen van mantra's met de Veda's, hun leden
[de anga's], en de upanishad's over zingen; de
Godheid waar de yogi's, Hem in hun geest ziend, zich in de
meditatieve positie op concentreren; Hij wiens einde niet
bekend is aan welke verlichte of onverlichte ziel ook; Hem
biedt ik mijn eerbetuigingen. (Vedabase)
Tekst
2
Door de
schurende randen van de stenen van de berg Mandara
die allerzwaarst op Zijn rug roteerde werd de Hoogste
Persoonlijkheid van God in de gedaante van een schildpad
[Kûrma]
slaperig. Mogen jullie allen beschermd worden door de winden
die de sporen vormen die door het ademen van de Heer werden
achtergelaten en de immer actieve getijden van de eb en vloed
van het water dat tot op de dag van vandaag dat voorbeeld van
in- en uitademen volgt.
Door
de schurende randen van de stenen van de berg Mandara,
allerzwaarst roterend op de rug van Hem, werd, werd de
Hoogste Persoonlijkheid van God in de gedaante van een
schildpad [Kûrma] slaperig. Mogen jullie allen
beschermd zijn door de winden en de eb en vloed-getijden van
het water die de sporen zijn overgebleven naar de gang van
zijn ademhalen. (Vedabase)
Tekst
3
Luistert
alstublieft naar een opsomming van het aantal [verzen van
de Purâna], wat de behandelde onderwerpen beogen, hoe
het boek iemand cadeau moet worden gedaan en wat de glorie van
een dergelijk schenken is, alsmede wat de zegen is van het
voorlezen, reciteren en dergelijke van deze
tekst.
Luistert
alstublieft naar een opsomming van het tellen van dezen
[deze verzen van de purâna], de bedoeling van
de onderwerpen behandeld, het wegschenken, het wegschenken
ervan en de glorie van een dergelijk kado doen, en het lezen
en reciteren ervan en dergelijke.
(Vedabase)
Tekst
4-9
De
Brahmâ Purâna telt tienduizend verzen, de Padma
Purâna telt er vijfenvijftigduizend, de S'rî Vishnu
Purâna drieëntwintigduizend en de S'iva Purâna
vierentwintigduizend. Het S'rîmad Bhâgavatam heeft
er achttienduizend, de Nârada Purâna
vijfentwintigduizend, de Mârkandeya Purâna
negenduizend en de Agni Purâna
vijftienduizend-vierhonderd. De Bhavishya Purâna heeft
veertienduizend-vijfhonderd verzen, de Brahma-vaivarta
Purâna achttienduizend en de Linga Purâna
elfduizend. De Varâha Purâna telt
vierentwintigduizend verzen, de Skanda Purâna
eenentachtigduizend-eenhonderd verzen en de Vâmana
Purâna wordt beschreven in tienduizend verzen. Van de
Kûrma Purâna zegt men dat het er zeventienduizend
zijn, de Matsya Purâna heeft er veertienduizend, verder
zijn er de Garuda Purâna met negentienduizend verzen en
de Brahmânda Purâna met twaalfduizend. In totaal
staan er in de Purâna's op deze manier zo'n
vierhonderdduizend verzen geschreven [*].
Achttienduizend, zoals gezegd, behoren er tot het
Bhâgavatam
[zie verder onder Purâna].
De
Brahmâ Purâna telt tienduizend verzen, de Padma
Purâna vijfenvijftigduizend, de S'rî Vishnu
Purâna drieëntwintigduizend en de S'iva
Purâna vierentwintigduizend. Het S'rîmad
Bhâgavatam achttienduizend, de Nârada
Purâna vijfentwintigduizend, de Mârkandeya
Purâna negenduizend en de Agni Purâna
vijftienduizend-vierhonderd. De Bhavishya Purâna heeft
er veertienduizend-vijfhonderd, de Brahma-vaivarta
Purâna achttienduizend en de Linga Purâna
elfduizend. De Varâha Purâna
vierentwintigduizend, de Skanda Purâna
eenentachtigduizend-eenhonderd en de Vâmana
Purâna wordt beschreven in tienduizend. Van de
Kûrma Purâna zegt men dat het er
zeventienduizend zijn, de Matsya Purâna heeft er
veertienduizend, verder zijn er de Garuda Purâna met
negentienduizend en de Brahmânda Purâna met
twaalfduizend. In totaal staan er in de Purâna's op
deze manier zo'n vierhonderdduizend van hen beschreven
[*]. Achttienduizend, zoals gezegd, zijn er van het
Bhâgavatam [zie verder onder purâna].
(Vedabase)
Tekst
10
Dit [relaas
van wijsheid] werd door de Allerhoogste Persoonlijkheid van
God [Narâyâna,
zie 3.8-10]
genadig allereerst ten volle geopenbaard aan Brahmâ die
beducht voor een materieel bestaan neerzat op de lotus die
groeide uit Zijn navel [zie ook 1.1:
1].
Dit
[relaas van wijsheid] werd door de Allerhoogste
Persoonlijkheid van God [Narâyâna, zie
3.8-10] genadig allereerst ten volle geopenbaard aan
Brahmâ die beducht voor een materieel bestaan neerzat
op de lotus die groeide uit Zijn navel [zie ook 1.1:
1]. (Vedabase)
Tekst
11-12
Van het begin
tot het einde vol van verslagen over de onthechting brengt het
de geheiligden en goddelijken in verrukking met de nectar van
zijn vele vertellingen over de Heer Zijn spel en vermaak.
Overeenkomstig de essentie van alle
vedânta-filosofie heeft het de Ene Werkelijkheid,
die Zijns Gelijke Niet Kent en die men omschrijft als de
Absolute Waarheid [brahma, het onpersoonlijke]
die niet verschilt van de Ene Ziel [âtma, het
persoonlijke], als zijn belangrijkste onderwerp en de
zaligheid [van emancipatie in toegewijde dienst ofwel
kaivalya] als het ene uiteindelijke doel
[**].
Van
het begin tot het einde vol van verslagen over de
onthechting brengt het, met de nectar van zijn vele
vertellingen over de Heer Zijn spel en vermaak, de
geheiligden en goddelijken in verrukking. Naar de essentie
van alle vedântafilosofie heeft het de Ene
Werkelijkheid die Zijns Gelijke Niet Kent, die wordt
gekenschetst als de Absolute Waarheid [brahma, het
onpersoonlijke] niet verschillend van de Ene Ziel
[âtma, het persoonlijke], als zijn
belangrijkste onderwerp en de zaligheid [van emancipatie
in toegewijde dienst ofwel kaivalya] als het ene
uiteindelijke doel [**].
(Vedabase)
Tekst
13
Hij die het
Bhâgavatam in zijn volle glorie ['op een gouden
troon'] als geschenk cadeau doet op de dag van de volle
maan in de maand Bhâdra [augustus/september]
bereikt de hoogste bestemming.
Hij
die het Bhâgavatam in volle glorie ['in het volle
van de gouden troon'] als geschenk kado doet op de dag
van de volle maan in de maand Bhâdra
[Augustus/September] bereikt de hoogste bestemming.
(Vedabase)
Tekst
14
Andere
klassieke verzamelingen van verhalen [andere bijbels,
Purâna's, of heilige geschriften] staan in de
bijeenkomst van de vromen alleen maar op de voorgrond voor
zolang men niet luistert naar de grote oceaan van nectar die
het Bhâgavatam is.
Andere
klassieke verzamelingen van verhalen [andere bijbels,
purâna's, of heilige geschriften] staan in de
vergadering van de vromen alleen maar op de voorgrond voor
zolang de grote oceaan van nectar die het Bhâgavatam
is niet wordt gehoord. (Vedabase)
Tekst
15
Van het
S'rîmad Bhâgavatam wordt inderdaad gezegd dat die
de essentie is van alle vedânta filosofie; iemand
die bevredigd is door de nectargelijke smaak ervan voelt zich
nimmer aangetrokken door andere invloeden.
Van
het S'rîmad Bhâgavatam wordt inderdaad gezegd
dat die de essentie is van alle vedische filosofie; voor
degene bevredigd door de nectargelijke smaak ervan bestaat
er nimmer enige aantrekking van een andere kant.
(Vedabase)
Tekst
16
Van alle
Purâna's komt deze overeen met wat de Ganges betekent in
verhouding tot alle rivieren die naar de zee stromen, wat
Acyuta is in verhouding tot al de godheden en wat
S'ambhu
[S'iva] is in verhouding tot alle toegewijden.
In
verhouding tot alle purâna's is deze net wat de Ganges
is in verhouding tot alle rivieren die naar de zee stromen,
Acyuta is in verhouding tot al de godheden en S'ambbu
[S'iva] is in verhouding tot alle toegewijden.
(Vedabase)
Tekst
17
Op dezelfde
manier als Kâs'î [Benares] onovertroffen is
onder al de heilige plaatsen, kent het S'rîmad
Bhâgavatam zijns gelijke niet onder de Purâna's, o
tweemaal geborenen.
Op
dezelfde manier als Kâs'î [Benares]
onovertroffen is onder de heilige plaatsen, is het
S'rîmad Bhâgavatam zo onder de purâna's, o
tweemaal geborenen. (Vedabase)
Tekst
18
Het
S'rîmad Bhâgavatam is de onberispelijke
Purâna die onder de Vaishnava's het meest geliefd is en
waarin de volmaakt zuivere en allerhoogste spirituele,
geestelijke kennis wordt bezongen van niemand minder dan de
allerbeste toegewijden; daarin wordt, tezamen met de kennis, de
onthechting en de toewijding, de vrijheid van alle
vruchtdragende arbeid geopenbaard welke die persoon zal
verlossen die het meent met zijn overtuiging door met
toewijding zoals het hoort te luisteren, te studeren en de
mantra's te doen.
Het
S'rîmad Bhâgavatam is de onberispelijke
Purâna die onder de Vaishnava's het meest geliefd is
en waarin de volmaakt zuivere en allerhoogste spirituele,
geestelijke kennis wordt bezongen van niemand minder dan de
allerbeste toegewijden; daarin wordt, tezamen met de kennis,
de onthechting en de toewijding, de vrijheid van alle
vruchtdragende arbeid geopenbaard welke de persoon zal
verlossen die, met toewijding luisterend en naar behoren
lezend en reciterend, serieus is in zijn overtuiging.
(Vedabase)
Tekst
19
Ik mediteer op
het onvergelijkelijke licht van de toorts van de
Onvergankelijke Waarheid die Vrij is van Zorgen en lang geleden
geopenbaard werd aan de godheid ['Ka' ofwel
Brahmâ], die deze transcendentale kennis zuiver en
onbesmet overdroeg aan Nârada, de grote wijze die haar in
de gedaante van zijn persoon doorgaf aan Krishna
Dvaipâyana Vyâsa, die haar toen uiteenzette voor de
koning van de yogi's [S'ukadeva] die uit mededogen toen
[Parîkchit] de genade van de Fortuinlijke ervan
op de hoogte stelde.
Ik
mediteer op het onvergelijkelijke licht van de toorts van de
Onvergankelijke Waarheid Vrij van Zorgen, lang geleden
geopenbaard aan de goddelijkheid ['Ka' ofwel
Brahmâ], door welke deze transcendentale kennis
zuiver en onbesmet werd uitgesproken voor Nârada, de
grote wijze die hem in de gedaante van zijn persoon
overdroeg aan Krishna-dvaipâyana Vyâsa, die haar
toen uiteenzette voor de koning van de yogi's
[S'ukadeva] die uit mededogen toen
[Parîkchit] de genade de van de Fortuinlijke
er mee voorlichtte. (Vedabase)
Tekst
20
Eerbetuigingen
voor Hem, de Allerhoogste Persoonlijkheid van God, Heer
Vâsudeva, de Opperste Getuige die dit genadevol overdroeg
aan de godheid die verlangde naar bevrijding.
Eerbetuigingen
voor Hem, de Allerhoogste Persoonlijkheid van God, Heer
Vâsudeva, de Opperste Getuige die dit genadevol
overdroeg aan de godheid die verlangde naar bevrijding.
(Vedabase)
Tekst
21
Eerbetuigingen
voor hem, de koning van de yogi's, S'ukadeva
Gosvâmî, de persoonlijke manifestatie van de
Absolute Waarheid die de verlossing bracht voor
[Parîkchit] de genade van Vishnu die werd gebeten
door de slang van het materieel bestaan.
Eerbetuigingen
voor hem, de koning van de yogî's, S'ukadeva
Gosvâmî, de persoonlijke manifestatie van de
Absolute Waarheid die de verlossing bracht voor
[Parîkchit] de genade van Vishnu die werd
gebeten door de slang van het materieel bestaan.
(Vedabase)
Tekst
22
O Heer, U bent
onze Meester, de Heer der Goddelijkheid, zorg er daarom
alstUblieft voor dat wij leven na leven aan Uw voeten de bhakti
mogen vinden.
O
Heer, omdat U onze Meester bent, de Heer der Goddelijkheid,
alstUblieft maak het zo dat leven na leven de bhakti aan Uw
voeten zich voordoet. (Vedabase)
Tekst
23
Ik biedt Hem,
de Allerhoogste Heer mijn eerbetuigingen, in wiens gezamelijke
zingen van de heilige naam een einde komt aan alle zonden en
bij wie voor Hem buigend aan alle ellende een einde
komt."
Ik
biedt mijn eerbetuigingen aan Hem de Allerhoogste Heer wiens
in samenkomst zingen van de heilige naam alle zonden
vernietigt en voor wie buigend de misère wordt
uitgebannen. (Vedabase)
*
Vervolgens,
zo bevestigt de Matsya Purâna, komen er bij de
Purâna ook nog eens de honderdduizend verzen gevonden in
de Itihâsa (het afzonderlijke verhaal) van Vyâsa's
Mahâbhârata en een vijfentwintigduizend van de
Itihâsa van Vâlmîki's Ramâyana. Aldus
bedraagt het totale aantal verzen van de volledige verzameling
van klassieke verhalen vijfhonderdvijfentwintigduizend [de
kleinere Upa-purâna's
niet meegerekend].
**
Dit herinnert aan het thema van Krishna als de Tijd,
Kâla, en Krishna als de persoon, de Opperziel, de
Oorspronkelijke Persoon. De wereld lijkt verdeeld te zijn in
impersonalistische wetenschap, filosofie en regeren enerzijds
en personalistische religie van onthechting en persoonlijk
sentiment in burgerlijke gehechtheid nanderzijds. Maar met het
respecteren van de Tijd zoals het hoort vinden van de persoon
en met het respecteren van de persoon zoals het hoort vinden
van de Tijd is het probleem opgelost wetende dat de eenheid van
het persoonlijke en het onpersoonlijke onze gelijkgezinde
vriend en begeleidende vader in het voorbije Heer Krishna is
die er als het laatste woord aan toe voegt: (in B.G.
18:
6)
'Maar met al deze handelingen moet zonder twijfel, ze
verrichtend uit plichtsbesef, de associatie met hun resultaten
worden opgegeven; dat, o zoon van Prithâ, is Mijn laatste
en beste woord erover.' Aldus zijn we, vrij van nevenmotieven -
zoals dit boek werd geschreven in dankbaarheid voor een sociale
uitkering -, van emancipatie in toegewijde
dienst.