Canto
8
Hoofdstuk 15: Bali Mahârâja Verovert de Hemelse Plaatsen
(1-2) De koning zei: 'Waarom bedelde, de Heerser over alle levende wezens, als een arme bij Bali om drie stappen land en waarom sloeg Hij hem ondanks de gift in de boeien? We willen heel graag al dit bedelen van de Beheerser die zo volkomen is in Zichzelf en de aanhouding van Bali hoewel hij foutloos was begrijpen.'
(3) S'rî S'uka zei: 'Verslagen door Indra, verstoken van zijn weelde en inderdaad zijn leven [zie 8.11], werd Bali weer tot leven gewekt door de nazaten van Bhrigu [S'ukrâcârya en zijn volgelingen]. Met Bhrigu's gevolg was hij, als een grote ziel en discipel, van aanbidding door hen in volledige overgave alles te geven dat hij had. (4) De brahmaanse navolgers van Bhrigu, die zeer met hem ingenomen waren, zetten hem aan tot een offerritueel genaamd Vis'vajit zodat hij, na overeenkomstig de voorschriften te zijn gezuiverd door de verheven zielen in een groot reinigings-ritueel [abhisheka], naar zijn zin de hemelse werelden kon veroveren. (5) Van het laaiende vuur aanbeden met uitgietingen van ghee was er, getrokken door paarden die de kleur hadden van die van Indra [geel], een strijdwagen bedekt met goud en zijde die uitgerust was met en een banier gesierd met een leeuw. (6) Er was een speciale vergulde boog, twee kokers met trefzekere pijlen en een hemels kuras. Zijn grootvader [Prahlâda] schonk een bloemenslinger van nimmer verwelkende bloemen en S'ukrâcârya gaf hem een schelphoorn. (7) Na op het advies van de brahmanen het ritueel uit te hebben gevoerd en aldus met hun genade de wapenrusting te hebben verworven, omliep hij met het brengen van zijn eerbetuigingen al de geleerde mannen en nam hij ook met het nodige respect afscheid van Prahlâda Mahârâja. (8-9) Daarop de goddelijke wagen bestijgend die S'ukrâcârya had geschonken, nam de grote krijgsheer gesierd met zijn bloemenslinger, bedekt door zijn rusting en uitgerust met zijn boog, zijn zwaard en pijlenkoker ter hand. Met de gouden banden om zijn armen en zijn oorhangers glinsterend als saffieren straalde hij, zich op zijn wagen bevindend, als het vuur der aanbidding op een altaar. (10-11) Omringd door zijn eigen mannen en de andere daitya leiders die qua weelde, kracht en schoonheid niet voor hem onderdeden, leken ze de hemel te verzwelgen en alle windrichtingen te verzengen met hun blikken. De grootste asura krijgers bijeen brengend begaven ze zich naar de uiterst welvarende hoofdstad van Indra dat het de hele aarde leek te schudden.
(12) Het was er daar zeer aangenaam met boomgaarden en tuinen zoals de prachtige Nandana-tuin, tjilpende paartjes vogels, dol zoemende bijen en eeuwige bomen met takken zwaar van de bladeren met vruchten en bloemen. (13) Ze waren bevolkt met groepen zwanen, kraanvogels, cakravâka-vogels, eenden, lotusbloemen en prachtige ronddartelende dames beschermd door de goddelijken. (14) De immer aanbiddelijke godin omringde hen met grachten vol Gangeswater en gekanteelde verdedigingswerken in een vuurrode kleur. (15) Gebouwd door Vis'vakarmâ waren de ingangen van de stad van marmer, waren de deuren [van de huisen] met goud beplaat en waren de vele openbare wegen planmatig geordend. (16) Ze was rijk aan openbare gelegenheden, hofjes, wegen en talloze weelderige paleizen. Bij de kruispunten waarin parels waren verwerkt stonden zitbanken gesierd met diamanten en koraal. (17) In die stad trof men, zoals met een vuur met vele vlammen, glitterende, hoogst bekoorlijke, eeuwig jeugdige vrouwen aan, die koel, warm en rondborstig [ofwel 's'yâmâ'], fraai opgesierd altijd gestoken waren in smetteloos schone kleren. (18) De bries in de straten voerde de geur mee van de verse, welriekende bloemen gevallen uit het haar van de sura vrouwen. (19) De sura liefjes op straat liepen door de witte rook van aguru wierook gebrand vanachter de met gouden raamwerk versierde vensters. (20) Er waren baldakijnen bezaaid met parels en goud, een keur aan vlaggen die de koepels sierden van de paleizen en pauwen, duiven en bijen die hun geluiden lieten horen, en daarbij zongen hoog in hun hemelse bouwsels de vrouwen in koor het heil. (21) De stad met al zijn schittering zo prachtig en aangenaam met de zingende dierbaren der goden, de solo-instrumenten, het dansen en de geluiden van de fluiten, vînâ's, trommels, schelphoorns en pauken allen in volmaakte harmonie, overtrof in haar schoonheid die van de goddheid van de pracht. (22) Er waren geen goddelozen die de straten onveilig maakten, niemand was er afgunstig of van geweld jegens andere levende schepselen, niemand pleegde bedrog en niemand jaagde valse eer na, was wellustig of bezitterig; allen die daar liepen waren volledig vrij van dat alles. (23) En het was die stad van God die van buitenaf aan alle kanten werd aangevallen door hem, de bevelhebber over de troepen geschonken door S'ukrâcârya, die, met het luid laten weerklinken van zijn schelphoorn, al de dames beschermd door Indra in angst verzette.
(24) Indra geplaatst voor de situatie kon Bali's gedreven strijdlust begrijpen en richtte zich in het gezelschap der goddelijken tot de geestelijk leraar [Brihaspati] met de volgende woorden: (25) 'O mijn Heer, van wie kreeg Bali, onze vijand uit het verleden, die grote inzet en almacht die we, zo vrees ik, niet zullen kunnen weerstaan. (26) Er is niemand te vinden die deze gewapende macht van hem weerstand kan bieden, het is alsof hij met zijn mond de hele wereld wil opdrinken en oplikken en met zijn blikken alle windrichtingen in brand wil zetten, zich opwerpend als het vuur aan het einde der tijden. (27) Alstublieft zeg ons wat de oorzaak is van de formidabele macht van onze vijand. Waaraan ontleent hij zijn energie, kracht, invloed en ondernemingslust?'
(28) Brihaspati zei: 'Ik weet wat de oorzaak is van het opstaan van uw vijand, o Indra, hij kreeg zijn macht als leerling van de machtige brahmanen die de volgelingen van Bhrigu zijn. (29) Dermate machtig kan de sterke niet worden verslagen door iemand als u of iemand die bij u hoort; behalve de Hoogste Beheerser, de Heer, zal niemand in staat zijn hem uit de wereld te helpen nu hem eenmaal de macht van een superieure spirituele kracht is verleend; zich tegen hem teweer te stellen is net zo zinloos als tegen de heer van de dood op te staan. (30) Daarom moeten jullie allen vertrekken, jullie hemelrijk opgeven en naar elders vertrekken in afwachting van de tijd dat jullie vijand op zijn retour is. (31) Hij die nu zo oppermachtig floreert bij de genade van de brahmaanse macht hem verleend, zal door het beledigen van die zelfde macht met al zijn vrienden en helpers zijn neergang onder ogen moeten zien.'
(32) Aldus geadviseerd door hun geestelijk leraar over wat hen te doen stond, gaven ze hun hemelse koninkrijk op en vertrokken zij die de goden waren die elke gedaante konden aannemen die ze maar wilden. (33) Toen al de goddelijken op deze manier waren verdwenen nam Bali, de zoon van Virocana, de stad in waar de hemelgasten hun verblijf hadden en onderwierp hij de hemelse werelden aan zijn gezag. (34) Omdat hij hun discipel was instrueerden de volgelingen van Bhrigu, zeer verheugd over de veroveraar van het universum, hem een honderdtal [as'vamedha] paardoffers te brengen. (35) Door het uitvoeren van die offers verspreidde zich zijn roem tot in alle uithoeken van de drie werelden en straalde hij met een glorie gelijk aan die van de maan. (36) Omdat hij de gunst van de tweemaal geborenen had verworven meende hij, met het genieten van een weelde en voorspoed gelijk aan die van de halfgoden, dat hij het zeer goed getroffen had met wat hij zo groots had beraamd en gedaan.
Tweede editie, geladen 10 oktober 2007
Vorige Aadhar-editie en Vedabase links:
De koning zei: 'Waarom bedelde, de Heerser over alle levende wezens, als een arme bij Bali om drie stappen land en waarom sloeg Hij hem ondanks de gift in de boeien? We willen heel graag al dit bedelen van de Beheerser die zo volkomen is in Zichzelf en de aanhouding van Bali hoewel hij foutloos was begrijpen.'De koning zei: 'Waarom bedelde, de Heerser over alle levende wezens, als een arme bij Bali om drie stappen land en waarom arresteerde Hij hem ondanks de gift? We willen heel graag al dit bedelen van de Beheerser zo volkomen in Zichzelf en de aanhouding van hem hoewel hij foutloos was, begrijpen.'(Vedabase)
S'rî S'uka zei: 'Verslagen door Indra, verstoken van zijn weelde en inderdaad zijn leven [zie 8.11], werd Bali weer tot leven gewekt door de nazaten van Bhrigu [S'ukrâcârya en zijn volgelingen]. Met Bhrigu's gevolg was hij, als een grote ziel en discipel, van aanbidding door hen in volledige overgave alles te geven dat hij had.
S'rî S'uka zei: 'Verslagen door Indra, verstoken van zijn weelde en inderdaad zijn leven [zie 8.11], werd Bali weer tot leven gewekt door de nazaten van Bhrigu [S'ukrâcârya en zijn volgelingen]. Met Bhrigu's gevolg was hij, als een grote ziel en discipel, van aanbidding door hen in volledige overgave alles te geven dat hij had. (Vedabase)
De brahmaanse navolgers van Bhrigu, die zeer met hem ingenomen waren, zetten hem aan tot een offerritueel genaamd Vis'vajit zodat hij, na overeenkomstig de voorschriften te zijn gezuiverd door de verheven zielen in een groot reinigings-ritueel [abhisheka], naar zijn zin de hemelse werelden kon veroveren.
De brahmaanse navolgers van Bhrigu, die zeer met hem ingenomen waren, zetten hem aan tot een offerritueel genaamd visvajitâ zodat hij, na overeenkomstig de voorschriften te zijn gezuiverd door de verheven zielen in een groot reinigings-ritueel [abhiseka], naar zijn zin de hemelse werelden kon veroveren. (Vedabase)
Van het laaiende vuur aanbeden met uitgietingen van ghee was er, getrokken door paarden die de kleur hadden van die van Indra [geel], een strijdwagen bedekt met goud en zijde die uitgerust was met en een banier gesierd met een leeuw.
Van het laaiende vuur aanbeden met uitgietingen van ghee vond daarna een strijdwagen zijn bestaan overdekt met goud, met paarden die de kleur hadden van die van Indra [geel], opgetuigd met zijde en een banier gesierd met een leeuw. (Vedabase)
Er was een speciale vergulde boog, twee kokers met trefzekere pijlen en een hemelse kuras. Zijn grootvader [Prahlâda] schonk een bloemenslinger van nimmer verwelkende bloemen en S'ukrâcârya gaf hem een schelphoorn.
Er was een speciale vergulde boog, twee kokers met trefzekere pijlen en een hemels kuras. Zijn grootvader [Prahlâda] schonk een bloemenslinger van nimmer verwelkende bloemen en S'ukrâcârya gaf een schelphoorn. (Vedabase)
Na op het advies van de brahmanen het ritueel uit te hebben gevoerd en aldus met hun genade de wapenrusting te hebben verworven, omliep hij met het brengen van zijn eerbetuigingen al de geleerde mannen en nam hij ook met het nodige respect afscheid van Prahlâda Mahârâja.
Na aldus met de wapenrusting de genade van de brahmanen te hebben verworven, op hun advies het ritueel uitvoerend, omliep hij hen, al de geleerden de eer betuigend onder het aanroepen van Prahlâda Mahârâja. (Vedabase)
Daarop de goddelijke wagen bestijgend die S'ukrâcârya had geschonken, nam de grote krijgsheer gesierd met zijn bloemenslinger, bedekt door zijn rusting en uitgerust met zijn boog, zijn zwaard en pijlenkoker ter hand. Met de gouden banden om zijn armen en zijn oorhangers glinsterend als saffieren straalde hij, zich op zijn wagen bevindend, als het vuur der aanbidding op een altaar.
Daarop de goddelijke wagen bestijgend die S'ukrâcârya had geschonken, nam de grote krijgsheer, gesierd met zijn bloemenslinger, bedekt door zijn rusting en uitgerust met zijn boog, zijn zwaard en pijlenkoker ter hand. Met de gouden banden om zijn armen en zijn oorhangers glinsterend als saffieren straalde hij, zich op zijn wagen bevindend, als het vuur der aanbidding op een altaar. (Vedabase)
Omringd door zijn eigen mannen en de andere daitya leiders die qua weelde, kracht en schoonheid niet voor hem onderdeden, leken ze de hemel te verzwelgen en alle windrichtingen te verzengen met hun blikken. De grootste asura krijgers bijeen brengend begaven ze zich naar de uiterst welvarende hoofdstad van Indra dat het de hele aarde leek te schudden.
Omringd door zijn eigen mannen en de andere daitya-leiders die qua weelde, kracht en schoonheid niet voor hem onderdeden, was het alsof ze de hemel indronken alle windrichtingen verzengend met hun blikken. De grootste asura-krijgers bijeen brengend begaven ze zich naar de uiterst welvarende hoofdstad van Indra dat het de hele aarde leek te schudden. (Vedabase)
Het was er daar zeer aangenaam met boomgaarden en tuinen zoals de prachtige Nandana-tuin, tjilpende paartjes vogels, dol zoemende bijen en eeuwige bomen met takken zwaar van de bladeren met vruchten en bloemen.
Het was er daar zeer aangenaam met boomgaarden en tuinen zoals de Nandana tuin prachtig om te zien, tjilpende paartjes vogels, dol zoemende bijen en eeuwige bomen met takken zwaar van de bladeren met vruchten en bloemen. (Vedabase)
Ze waren bevolkt met groepen zwanen, kraanvogels, cakravâka-vogels, eenden, lotusbloemen en prachtige ronddartelende dames beschermd door de goddelijken.
Ze waren bevolkt met groepen zwanen, kraanvogels, cakravâka-vogels, eenden, lotusbloemen en prachtige ronddartelende dames beschermd door de goddelijken. (Vedabase)
De immer aanbiddelijke godin omringde hen met grachten vol Gangeswater en gekanteelde verdedigingswerken in een vuurrode kleur.
De immer aanbiddelijke godin omringde hen met grachten vol gangeswater en gekanteelde verdedigingswerken in een vuurrode kleur. (Vedabase)
Gebouwd door Vis'vakarmâ waren de ingangen van de stad van marmer, waren de deuren [van de huisen] met goud beplaat en waren de vele openbare wegen planmatig geordend.
De deuren van de poorten, gekonstrueerd door Vis'vakarmâ, waren overdekt met platen goud en hun doorgangen, die de vele openbare wegen met elkaar verbonden, waren van het fijnste marmer. (Vedabase)
Ze was rijk aan openbare gelegenheden, hofjes, wegen en talloze weelderige paleizen. Bij de kruispunten waarin parels waren verwerkt stonden zitbanken gesierd met diamanten en koraal.
Het was er vol van openbare gelegenheden, hofjes, wegen en niet minder dan honderd miljoen weelderige paleizen. De kruispunten waren met parels gemaakt en hadden zitplaatsen met diamanten en koraal. (Vedabase)
In die stad trof men, zoals met een vuur met vele vlammen, glitterende, hoogst bekoorlijke, eeuwig jeugdige vrouwen aan, die koel, warm en rondborstig [ofwel 's'yâmâ'], fraai opgesierd altijd gestoken waren in smetteloos schone kleren.
In die stad trof men, zoals met een vuur met vele vlammen, glitterende, hoogst bekoorlijke, eeuwig jeugdige vrouwen aan, koel, warm en rondborstig [ofwel 'syâmâ'], en fraai opgesierd met altijd schone kleren aan. (Vedabase)
De bries in de straten voerde de geur mee van de verse, welriekende bloemen gevallen uit het haar van de sura vrouwen.
De bries in de straten voerde de geur mee van de verse welriekende bloemen gevallen uit het haar van de sura-vrouwen. (Vedabase)
De sura liefjes op straat liepen door de witte rook van aguru wierook gebrand vanachter de met gouden raamwerk versierde vensters.
De sura-liefjes op straat liepen door de witte rook heen van aguru-wierook gebrand vanachter de met gouden raamwerk versierde vensters. (Vedabase)
Er waren baldakijnen bezaaid met parels en goud, een keur aan vlaggen die de koepels sierden van de paleizen en pauwen, duiven en bijen die hun geluiden lieten horen, en daarbij zongen hoog in hun hemelse bouwsels de vrouwen in koor het heil.
Er waren baldakijnen bezaaid met parels en goud, een keur aan vlaggen die de koepels sierden van de paleizen en pauwen, duiven en bijen lieten hun geluiden horen, waarbij hoog in hun hemelse bouwsels de vrouwen in koor het heil zongen. (Vedabase)
De stad met al zijn schittering zo prachtig en aangenaam met de zingende dierbaren der goden, de solo-instrumenten, het dansen en de geluiden van de fluiten, vînâ's, trommels, schelphoorns en pauken allen in volmaakte harmonie, overtrof in haar schoonheid die van de goddheid van de pracht.
De stad met al zijn schittering zo prachtig en aangenaam met de zingende dierbaren der goden, de soloinstrumenten, het dansen en de geluiden van de fluiten, vînâs, trommels, schelphoorns en pauken allen in volmaakte harmonie, versloeg de schoonheid in eigen persoon. (Vedabase)
Er waren geen goddelozen die de straten onveilig maakten, niemand was er afgunstig of van geweld jegens andere levende schepselen, niemand pleegde bedrog en niemand jaagde valse eer na, was wellustig of bezitterig; allen die daar liepen waren volledig vrij van dat alles.
Geen goddeloze lieden maakten de straten onveilig, niemand was er afgunstig of van geweld jegens andere levende schepselen, niemand pleegde bedrog en niemand jaagde valse eer na, was wellustig of bezitterig; allen die daar liepen waren volledig vrij van dat alles. (Vedabase)
En het was die stad van God die van buitenaf aan alle kanten werd aangevallen door hem, de bevelhebber over de troepen geschonken door S'ukrâcârya, die, met het luid laten weerklinken van zijn schelphoorn, al de dames beschermd door Indra in angst verzette.
Die stad van God werd van buitenaf aan alle kanten aangevallen door hem, de bevelhebber over de troepen geschonken door S'ukrâcârya, die, met het luid laten weerklinken van zijn schelphoorn, al de dames beschermd door Indra in angst verzette. (Vedabase)
Indra geplaatst voor de situatie kon Bali's gedreven strijdlust begrijpen en richtte zich in het gezelschap der goddelijken tot de geestelijk leraar [Brihaspati] met de volgende woorden:
Indra geplaatst voor de situatie kon Bali's enthousiaste strijdlust begrijpen en richtte zich in het gezelschap der goddelijken tot de geestelijk leraar [Brihaspati] met de volgende woorden: (Vedabase)
'O mijn Heer, van wie kreeg Bali, onze vijand uit het verleden, die grote inzet en almacht die we, zo vrees ik, niet zullen kunnen weerstaan.
'O mijn Heer, van wie kreeg Bali, onze vijand uit het verleden, die grote inzet en almacht die we, zo vrees ik, niet zullen kunnen weerstaan. (Vedabase)
Er is niemand te vinden die deze gewapende macht van hem weerstand kan bieden, het is alsof hij met zijn mond de hele wereld wil opdrinken en oplikken en met zijn blikken alle windrichtingen in brand wil zetten, zich opwerpend als het vuur aan het einde der tijden.
Er is niemand te vinden die tegen deze opzet van hem aan kan treden, het is alsof hij met zijn mond de hele wereld wil opdrinken en oplikken en met zijn blikken alle windrichtingen in brand wil zetten, opstaand als het vuur aan het einde der tijden. (Vedabase)
Alstublieft zeg ons wat de oorzaak is van de formidabele macht van onze vijand. Waaraan ontleent hij zijn energie, kracht, invloed en ondernemingslust?'
Alstublieft zeg ons wat de oorzaak is van de formidabele macht van onze vijand en waar hij zijn energie, kracht, invloed en ondernemingslust aan ontleent.' (Vedabase)
Brihaspati zei: 'Ik weet wat de oorzaak is van het opstaan van uw vijand, o Indra, hij kreeg zijn macht als leerling van de machtige brahmanen die de volgelingen van Bhrigu zijn.
Brihaspati zei: 'Ik weet wat de oorzaak is, o Indra, van het opstaan van uw vijand, hij kreeg zijn macht als leerling van de machtige brahmanen die de volgelingen van Bhrigu zijn. (Vedabase)
Dermate machtig kan de sterke niet worden verslagen door iemand als u of iemand die bij u hoort; behalve de Hoogste Beheerser, de Heer, zal niemand in staat zijn hem uit de wereld te helpen nu hem eenmaal de macht van een superieure spirituele kracht is verleend; zich tegen hem teweer te stellen is net zo zinloos als tegen de heer van de dood op te staan.
Dermate machtig kan de sterke niet worden verslagen door iemand als u of iemand van de uwen; behalve de Hoogste Beheerser, de Heer, zal niemand in staat zijn hem uit de wereld te helpen nu hem de macht van de kracht der brahmanen is vergund; net als met Yamarâja zal het niemand lukken zich tegenover hem op te stellen. (Vedabase)
Daarom moeten jullie allen vertrekken, jullie hemelrijk opgeven en naar elders vertrekken in afwachting van de tijd dat jullie vijand op zijn retour is.
Daarom moeten jullie allen het veld ruimen en het hemels koninkrijk opgeven en naar elders vertrekken in afwachting van de tijd dat uw vijand op zijn retour is. (Vedabase)
Hij die nu zo oppermachtig floreert bij de genade van de brahmaanse macht hem verleend, zal door het beledigen van die zelfde macht met al zijn vrienden en helpers zijn neergang onder ogen moeten zien.'
Hij die nu zo oppermachtig floreert bij de genade van de brahmaanse macht hem verleend, zal door het beledigen van die zelfde macht met al zijn vrienden en helpers zijn neergang onder ogen moeten zien.' (Vedabase)
Aldus geadviseerd door hun geestelijk leraar over wat hen te doen stond, gaven ze hun hemelse koninkrijk op en vertrokken zij die de goden waren die elke gedaante konden aannemen die ze maar wilden.
Aldus geadviseerd door hun geestelijk leraar over wat hen te doen stond, gaven ze hun hemelse koninkrijk op en vertrokken zij, de goden die elke gedaante konden aannemen die ze maar wilden. (Vedabase)
Toen al de goddelijken op deze manier waren verdwenen nam Bali, de zoon van Virocana, de stad in waar de hemelgasten hun verblijf hadden en onderwierp hij de hemelse werelden aan zijn gezag.
Toen al de goddelijken op deze manier waren verdwenen nam Bali, de zoon van Virocana, de stad in waar de hemelgasten hun verblijf hadden en bracht hij de hemelse werelden onder zijn gezag. (Vedabase)
Omdat hij hun discipel was instrueerden de volgelingen van Bhrigu, zeer verheugd over de veroveraar van het universum, hem een honderdtal [as'vamedha] paardoffers te brengen.
Omdat hij hun discipel was instrueerden de volgelingen van Bhrigu, zeer verheugd over de veroveraar van het universum, hem een honderdtal paardenoffers [aswamedha] te brengen. (Vedabase)
Door het uitvoeren van die offers verspreidde zich zijn roem tot in alle uithoeken van de drie werelden en straalde hij met een glorie gelijk aan die van de maan.
Van het uitvoeren van die offers verspreidde zich zijn faam in alle richtingen door de drie werelden en verwierf hij een luister als die van de maan. (Vedabase)
Omdat hij de gunst van de tweemaal geborenen had verworven meende hij, met het genieten van een weelde en voorspoed gelijk aan die van de halfgoden, dat hij het zeer goed getroffen had met wat hij zo groots had beraamd en gedaan.
Omdat hij de gunst van de tweemaal geborenen had verworven dacht hij, een weelde en voorspoed genietend gelijk die van de halfgoden, het heel goed getroffen te hebben met wat hij zo groots had beraamd en gedaan. (Vedabase)
![]()
Voor
deze oorspronkelijke vertaling is een alles-in-een band exemplaar
met uitgebreid commentaar gebruikt.
ISBN: o-91277-27-7
Zie de
S'rîmad Bhâgavatam linkspagina.
De afbeelding is getiteld: 'A military parade'. Bron.
Productie: de Filognostische
Associatie
van De
Orde van de Tijd