bij het boek de Bhâgavata Purâna

"Het Verhaal van de Fortuinlijke"

door KRISHNA -DVAIPÂYANA VYÂSA

Downloads:
Bekijk de volledige tekstbestanden boek voor boek.

Muziekbestanden
Luister naar MIDI en Audio-bestanden van de devotionele muziek

Afbeeldingen
Bekijk al de afbeeldingen van het boek

Links
Vind de oorspronkelijke tekst en vertaling hoofdstuk voor hoofdstuk en andere links




Afbeeldingen Canto 7 - pagina 1-2-3

Hoofdstuk 6 - 7 - 8 - 9 - 10


 

Hoofdstuk 11: De Volmaakte Samenleving:
Over de Vier Sociale Klassen en de Vrouw



(25) Hem navolgen in zijn geloften, regelmaat kennen, haar echtgenoot als ook zijn vrienden en verwanten gunstig gezind zijn en bereidwillig zijn, treft men aan bij een vrouw met een heilig respect voor haar echtgenoot [zie ook B.G. 1: 40].



Hoofdstuk 12: De Vier Âsrama's en Hoe het Lichaam te Verlaten

(11) De noodzaak van het opvolgen van de aanwijzingen van de goeroe geldt evenzogoed voor een huishouder als voor een verzaakt iemand, zij het dat de huishouder voor een bepaalde periode seks kan hebben [zie ook B.G. 7: 11].



Hoofdstuk 13: Het Gedrag van een Heilige Persoon

(26) En in dat leven treft men de gemeenschap van man en vrouw aan terwille van het plezier. Maar ziende hoe, altijd bezig met vruchtdragende handelingen, men het tegendeel [van dat plezier] bereikt, ben ik er nu mee opgehouden teneinde te kunnen ontkomen aan die ellende. (27) Gelukkig zijn is de natuurlijke staat van het levend wezen, en aldus, definitief een punt zettend achter alles hier met het gezien hebben hoezeer de eisen van de wereld zijn gekoppeld aan de zinsbevrediging, ben ik, me bezinnend op deze zaken, tot de stilte overgegaan.



Hoofdstuk 14: Het Allerhoogste van het Leven
als een Huishouder

(24) Het is op deze gunstige tijden [van het regelmatig zijn naar natuurlijke gebeurtenissen] dat het lot der mensen ten goede keert; op die dagen behoort men allerlei soorten van plechtigheden te houden en aldus door alle seizoenen heen voor het menselijk wezen goedgunstigheid, succes en langlevendheid te hebben [zie de volledige kalender van orde voor het instellen van dagen naar natuurlijke gebeurtenissen].



Hoofdstuk 15: Nârada's Instructies over Vegetarisch Delen,
Goddeloosheid, Genezen, Yoga en Advaita

(26) De goeroe die het licht op het pad vormt moet rechtstreeks worden gezien als de Allerhoogste Persoon; hij die hem en alles wat tot de Veda behoort beschouwt als sterfelijk en tijdgebonden, is als een olifant die een stofbad neemt.


(55) Op deze weg naar God, zoals dat heet, herhaaldelijk opnieuw geboren [zie ook B.G. 8: 16], keert hij die ijvert voor de zelfverwerkelijking en daadwerkelijk uit is op de vrede, niet weer terug met de positie die hij inneemt in het ware zelf. (56) Hij die deze weg volgend trouw is aan de voorvaderen en de goden, zal, met de regelmatige studie van de geschriften zoals dat in de Veda's is voorgeschreven, ondanks dat hij een materiële persoon is, met een verlichte visie nimmer verdwaasd zijn.  



Kijk voor de © copyright rechten van de individuele schilderijen
onderaan het hoofdstuk waar het geplaatst is.



 


volgende pagina